Co-housing
biedt vrouwen
een veilig ne(s)t
www.divazine.be/index.asp?module=arbeid&id=37
Door
echtscheiding, werkloosheid of andere omstandigheden kunnen vrouwen soms plots
niet meer voorzien in de basisbehoeften voor zichzelf en hun gezin. Co-housing
kan dan een oplossing zijn. Met een beetje hulp van de overheid kan deze vorm
van ‘samen wonen’ zelfs een vangnet worden voor heel wat vrouwen. Niet te
verwonderen dus dat co-housing in Vlaanderen begonnen is aan een opmars.
Een dak boven je hoofd is zo één van die basisbehoeften. Maar van zodra een
gezin twee of meer kinderen telt, zijn huurwoningen vaak te krap. Of voldoen ze
niet meer aan de meest elementaire hygiënische regels. En bouwen is voor een
alleenstaande vrouw met kinderlast meestal onmogelijk. Weinig banken willen je
trouwens geld lenen als je niet kan bogen op wat spaargeld én een borgstelling.
Samen wonen in onderlinge betrokkenheid zonder dat je privacy erbij inschiet,
spreekt dan ook heel wat vrouwen aan.
Dat 'samen wonen' kan een drietal vormen aannemen. Er is het 'centraal wonen'
(of 'condominium' in Nederland), met gemeenschappelijke ruimten en een sterke
betrokkenheid tussen de bewoners, terwijl iedere bewoner toch een eigen
appartement of huis betrekt. Bij 'co-housing' komen daar nog extra voorwaarden
bij. Bewoners zullen bijvoorbeeld samen eten, een washok delen of elkaar helpen
met de kinderen op te vangen, maar behouden wel hun privacy. Tenslotte zijn er
nog de woongroepen of 'communes', waarbij de bewoners enkel een eigen kamer
hebben en met de andere bewoners in gezinsverband wonen.
Samenhuizing
'Co-housing' is de term die internationaal gebruikt wordt voor wat in Vlaanderen
'samenhuizing' heet. Woongemeenschappen zoals kloosters, begijnhoven en
uitgebreide boerenfamilies met knechten en meiden hebben altijd bestaan. Later
sloot de Walden-beweging zich daar bij aan, zij het uit andere, ook
politiek-sociale overwegingen, om een stille dood te sterven met de communes van
de zestiger jaren. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig leefden de
woongemeenschappen in Vlaanderen weer op, zij het op een steviger en meer
haalbare basis. Bekende voorbeelden zijn de Haringrokerij in Antwerpen, het
Klavertje Vier in Herent en de Molen van Rotselaar.
De Vlaamse koepelorganisatie Samenhuizen,
die vorig jaar werd opgericht door Elcker-ik Leuven en de Antwerpse werkgroep A'penhuys,
wordt bedolven onder de zoekertjes. Alleenstaande vrouwen én mannen, maar ook
'nieuw samengestelde gezinnen' en zelfs klassieke twee-oudergezinnen zoeken een
project waarbij ze engagement én privacy kunnen combineren. Net zoals de
mindervaliden die zelfstandig willen wonen of de werklozen of studenten die niet
de middelen hebben om in hun eentje aan een comfortabele woning te geraken.
Schuilplaats
Sabine (36) broedt al langer op woonplannen samen met een cohousing-groep. Ze
gelooft in een mengvorm. Sabine: 'Het moet een nieuwe manier van denken en leven
worden. De vorm van co-housing die ik nastreef, heeft niet alleen een duurzame
en een ecologische dimensie, maar steunt ook op sociale pijlers. Het is een
keuze voor een andere samenlevingsvorm op basis van gelijkheid, zelfbeheer en
respect. Onze woonvorm moet je zien als een soort van schuilplaats.'
Om zo’n gemeenschappelijk woonproject haalbaar te maken is er nog werk aan de
winkel. In België noch in Nederland bestaat er een wettelijk kader voor. Er
zijn wel uitgangspunten, regelingen die erop lijken, of die aspecten bestrijken
van co-housing. Zoals de vennootschappen voor het beheer van een
familiepatrimonium of voor serviceflats voor ouderen.
Nog eens de deur uit
Nochtans kan een gemeenschappelijk onderkomen een besparing betekenen voor de
sociale zekerheid en het zorgstelsel. In landen als Denemarken en Nederland is
de overheid daar al langer van overtuigd. Co-housing heeft namelijk ook alle
aspecten van een sociaal vangnet. Het is gebaseerd op onderlinge betrokkenheid
en steunt op het engagement en de dynamiek van de bewoners. Ook kunnen er
uitwisselingen tot stand komen tussen verschillende woongemeenschappen. Wat de
veiligheid, de sociale controle en de zorg voor de buurt ten goede komt.
Geeft co-housing vrouwen een tikkeltje meer? Bij deze woonvorm nemen vrouwen
alvast zelf de touwtjes van hun bestaan in handen en hoeven ze geen beroep te
doen op organisaties en instituten die hen in een slachtofferrol duwen. Ze
beslissen ook autonoom wanneer en door wie ze geholpen willen worden. En
tenslotte kunnen vrouwen met kinderen eindelijk nog eens de deur uit. Gewoon
even kijken op de lijst wie er morgenavond op de kinderen kan passen. Dat
niemand dààr eerder aan gedacht heeft!
Veerle Magits
REACTIES
Omzichtigheid
Jullie artikel is absoluut WAAR. Ik bestudeer co-housing al enkele jaren, hier
en in Denemarken. Als architect en ontwikkelaar heb ik mij sinds 1996
gespecialiseerd in collectieve bouwprojecten.
SAMEN grond of vastgoed kopen, SAMEN bouwen en uiteraard SAMEN WONEN op dezelfde
site. Wij hebben al verschillende projecten gerealiseerd, binnenstedelijk en
randstedelijk.
Onze projecten zijn GEEN co-housing projecten met gemeenschappelijke ruimtes.
Het participatieproces tijdens het bouwen en daarna het wonen op dezelfde site
genereren al een grote OMZICHTIGHEID, die de co-bouwheren niet meer willen
missen.
Ik kijk uit maar mensen en kerngroepen die geinteresseerd zijn om op een
realistisch basis een co-housing-project op te zetten. U kan mij steeds bereiken
op 03-828.84.12 of 0475-32.60.94.
Michel Lambin, 4 december 2001